De (ISU-)scheidsrechters zullen tijdens langebaanwedstrijden voortaan strenger optreden als een schaatser de binnenmarkering van de bochten met de schaats overschrijdt. Werd er in de achterliggende jaren nog wel eens een vermanning gegeven of een oogje dichtgedaan, vanaf deze winter volgt onherroepelijk diskwalificatie. E.e.a. is besloten tijdens de jongste scheidsrechtersbijeenkomst van de Internationale Schaats Unie in Thun, Zwitserland.

De regel betreft ’rule 256’ van het langebaanreglement van de ISU en houdt in: “Bij het ingaan van de bocht, in de bocht zelf en bij het uitkomen van de bocht – dus kortom de hele bocht –, is het de schaatser verboden de binnenmarkering van de bocht met de schaats te overschrijden.”

Jan Augustinus, nationaal en internationaal scheidsrechter, benadrukt dat deze overschrijding vooral voorkomt bij de start van de drie kilometer dames en de vijf en tien kilometer heren: “De regel is ook niet nieuw, is al in 2006 ingevoerd. Maar niet altijd volgde diskwalificatie. Op de scheidsrechterbijeenkomst in Thun is echter besloten dat elke overschrijding voortaan onherroepelijk tot diskwalificatie lijdt.”

Ook de schaatser die op de sprint de laatste binnenbocht niet kan houden en met hoge snelheid in de baan van z’n tegenstander komt, loopt vanaf nu het gevaar tegen een diskwalificatie aan te lopen als hij of zij te lang in de baan van de tegenstander blijft rijden. Augustinus: “Als de tegenstander wordt gehinderd volgt diskwalificatie, die regel bestond al. Daar is bijgekomen dat de schaatser zo snel mogelijk weer naar zijn eigen baan terug moet gaan. Blijft hij/zij te lang in de baan van de tegenstander rijden, dan volgt voortaan onherroepelijk uitsluiting.”

KvK-nummer: 40532327